De Symfonische muziekpagina's

Door Niels Le Large

Klik hier om terug te gaan naar het Archief...

Karlheinz Stockhausen (1928 - 2007)


'De Richard Wagner van de twintigste eeuw', zo werd Stockhausen vrijwel algemeen in de kunstkaternen van de media opgevoerd. Zo'n betiteling zegt vooral iets over de bewonderaars van het Duitse fenomeen, want ik heb tussen het werk van beide componisten geen duidelijke muzikale analogieën kunnen ontdekken. Tenzij men de gemiddelde tijdsduur van het oeuvre als een artistieke overeenkomst zou willen zien.

Nadat Karlheinz Stockhausen in de jaren vijftig en zestig de orkestrale literatuur had verrijkt met een aantal dwars op de traditie klinkende composities voor groot symfonieorkes(ten) en koor (Spiel, Punkte, Gruppen en Carré) en daarmee flink wat gezonde opschudding onder het reactionaire deel van het orkestvolk had teweeggebracht, wendde hij vervolgens de steven en voer in de richting van zijn hogere spirituele ik. Het werd een lange mars door de diepste spelonken van zijn muzikale geest, via astrale imperatieven en mystiek gefrutsel met getallensymboliek. Uiteindelijk leidde dat tot een sektarisch gesloten muzikale gemeenschap, waarin (perfect spelende) musici functioneerden in een door de maestro zelf totalitair gecontroleerd uitvoeringscircuit.

Tot in de jaren negentig heb zijn nieuwe werk gevolgd en na iedere verse confrontatie ermee voelde ik mij verder van zijn door bovenaards licht beschenen toonkunst verwijderd. Ik weet het, muziek is abstract en heeft daardoor geen stoffelijke betekenis. Dat maakt het lastig overtuigende bewijslast tegen een bepaald muzikaal idioom aan te dragen. Maar muziek ademt wel een mentaliteit en die werd mij bij Stockhausen steeds antipathieker. Met als smakeloos dieptepunt de opvoering van zijn Helikopter-Streichquartet boven het terrein van de Westergasfabriek in Amsterdam (1995). Een met gruwelijke herrie doordrenkte plundering van Francis Ford Coppola's Apolacyps Now (1979), de 'filmopera' waarin Die Walküre met razende rotorbladen hun krankzinnige oorlogshymne over de Vietnamese jungle uitbraken. Boven Amsterdam-West klonk slechts onzinnig kabaal. Een paar jaar later bestempelde Stockhausen de aanval op de New Yorkse Twin Towers als het grootste kunstwerk aller tijden. Maar toen had ik al definitief afscheid van hem genomen. Een fenomeen, die Stockhausen.