De Symfonische muziekpagina's

Door Niels Le Large

Klik hier om terug te gaan naar het Archief...

Muzie Centrum Omroep onderuit

9 oktober 2010


Het Nederlandse publieke omroepbestel is altijd een gedrocht geweest en sinds de komst van commerciële radio- en tv-zenders ben ik in die stelling alleen maar gesterkt. Let wel: leve de publieke omroep! Maar dan wel een onafhankelijke die zich (zonder reclame) richt op zaken waar commerciële zenders zich, om zakelijke of politieke redenen, weinig of niet mee bezighouden. Zaken als onderwijs, kunsten en wetenschappen, nieuwsvoorziening, achtergronden en debat. Maar in plaats daarvan is Hilversum de concurrentiedstrijd aangegaan met de commerciële networks. Met een krankzinnige geldverspilling als gevolg.

Is er iets tegen dure showproducties met vorstelijk betaalde presentatoren? Natuurlijk niet. Maar die horen thuis bij de particulieren. Die hebben er het reclamegeld voor en verdienen er vervolgens weer nieuw kapitaal mee. Zo hoort dat in de showbusiness. Internationale voetbaltoernooien op de televisie? Prima. Maar een publieke omroep die bereid is duizelingwekkende bedragen aan gemeenschapsgeld te spenderen om extreem zakelijk gemodelleerde sportevenementen bij de commerciëlen weg te houden, is fiscaal-maatschappelijk niet te verdedigen. Het zal de voetballiefhebber worst wezen het wereldkampioenschap op een niet-publieke zender te moeten bezien. Dus graag wat minder kabaal en meer OK&W bij de publieke omroep.

Helaas. Dat zal vooralsnog niet lukken, want het Muziekcentrum van de Omroep (MCO) wordt afgeschaft. Althans, dat zegt het regeerakkoord. Is dat een ramp? Voor de werkgelegenheid natuurlijk wel. Je zult maar radiomuzikant zijn en de wacht worden aangezegd. Daarnaast zal een aantal concertzaaldirecteuren worden geconfronteerd met inkomstenderving. Het eerste (de werkgelegenheid) komt nooit meer goed, het laatst genoemde (derving) kan met inventief beleid en deugdelijke werving worden verzacht. Bovendien hebben die directeuren altijd nog de mogelijkheid de zaalhuur voor de overblijvers flink op te schroeven.

Vingerwijzing

Ramp of niet, wat hier het meest steekt, is het volslagen gebrek aan principe. Was de opheffing van het MCO onderdeel geweest van een integrale hervorming , dan zou je er wellicht begrip voor hebben kunnen opbrengen. Daar is evenwel geen sprake van. Het publieke bestel blijft ook na de MCO-eliminatie een incoherente ballenbak, dus deze liquidatie is vooral the pound of flesh van een anti-intellectueel politiek syndicaat.

Overigens mag de omroep zichzelf ook wel iets verwijten. Radio(omroep)orkesten zijn inmiddels een wat achterhaald fenomeen geworden. De noodzaak een studioensemble te handhaven is door de mobiliteit van de orkestrale uitvoeringspraktijk en de enorm toegenomen audio/video-registratie en -distributie sterk verminderd. Op die veranderende situatie heeft Hilversum de afgelopen decennia weinig fantasievol geanticipeerd. Ik weet het, de alom bejubelde Zaterdagmatinee is programmatisch een respectabele concertserie, maar kan (mits de middelen voorhanden zijn) door anderen worden voortgezet. Ik bedoel, je hebt er geen omroeporkest voor nodig.

En dan is er nog het volgende. Het Gooise orkestenbestel moest een aantal jaren terug reeds van hogerhand worden gesaneerd. Dat had voor de publieke omroep een vingerwijzing moeten zijn. Een waarschuwing dat niet langer meer vanzelfsprekend op voldoende politieke backbenching gerekend kon worden. Voor het opgeschoonde muziekdeel had men dan ook beter een (hoofd)repertoire kunnen kiezen dat bij de landelijke orkesten niet of nauwelijks aan bod komt. In een behoefte voorzien, dus. In plaats daarvan ging, onder leiding van Edo de Waart en Jaap van Zweden, het Radio Filharmonisch Orkest uitgebreid en met veel propaganda Mahler- en Bruckner-symfonieën uitvoeren. In de zelfde zaal waar het Koninklijk Concertgebouworkest onder leiding van Willem Mengelberg, Bernard Haitink, Riccardo Chailly, Leonard Bernstein en Mariss Jansons de Mahler-traditie hebben vormgegeven. Een pretentie die buiten Hilversum werd gezien als een effectieve methode om je eigen overbodigheid aan te tonen.


Tenslotte

Wat zijn nu precies de gevolgen? Het verlies van het Groot Omroepkoor zal consequenties hebben die ook buiten het Gooi te merken zullen zijn. KCO, Rotterdams Philharmonisch en het Residentie Orkest – drie ensembles die regelmatig symfonisch repertoire met groot gemengd koor programmeren – zullen vocaal vaker in het buitenland moeten gaan winkelen. Met financiële gevolgen op het gebied van verplaatsingen en hotelaccommodatie. Sneu is het ook voor het Metropole Orkest (een formatie waarvan er in Nederland geen tweede is), dat zich de laatste jaren nu juist een steeds interessanter repertoire is gaan aanmeten.

En verder vrees ik voor het MCO dat er in de branche zelf weinig animo bestaat om op de barricaden te klimmen. Het optreden van de omroeporkesten buiten de studio wordt, vooral bij de regionale orkesten, nog steeds als een vorm van valse concurrentie gezien. Een beleefd gecamoufleerde ergernis. Maar ze is er wel.